Het RITI voor de detectie van ouderenmis(be)handeling: ook voor artsen?

87 p
Samenvatting

Ouderenmis(be)handeling is naast kindermishandeling en partnergeweld een vorm van familiaal
geweld. Naast fysiek, psychologisch en seksueel geweld omvat ouderenmis(be)handeling ook financieel misbruik, schending van de rechten en verwaarlozing. De prevalentiecijfers in België variëren
tussen 12% en 33%. Slechts een fractie hiervan wordt gemeld door schaamte, angst en (misplaatste)
loyaliteit van de oudere tegenover de dader.
De huisarts is een centrale figuur binnen de eerstelijnsgezondheidszorg en zou zich dus – theoretisch gezien – in een ideale positie bevinden om gevallen van ouderenmis(be)handeling te bereiken
en te identificeren. Toch blijkt uit internationale studies dat (huis)artsen daar niet zo sterk in zijn. Ook
uit een verkennende masterproefstudie bij 63 Vlaamse huisartsen blijkt dat artsen een cruciale rol
kunnen vervullen, maar op dit moment onvoldoende opgeleid zijn en onvoldoende ervaring hebben
om ouderenmis(be)handeling te detecteren en aan te pakken. Verschillende onderzoekers bevelen
dan ook aan dat er bij artsen nood is aan een grotere bewustwording over ouderenmis(be)handeling, de risicofactoren en de signalen. De detectie zou versterkt kunnen worden door het gebruik
van een korte, gevalideerde tool. Dit artikel schuift het RITI (een risicotaxatie-instrument) naar voren
als een potentieel interessante tool omdat deze gevalideerd is in Vlaanderen, ontwikkeld is voor
professionals die hun patiënten kennen en kort en gebruiksvriendelijk is.

Auteur
L. De Donder , S. Vande Velde
Vakgebied
GERIATRIE
Jaargang 2019, Volume 75