Vliegreizen voor zuigelingen en kinderen: praktische richtlijnen bij pulmonale aandoeningen

1 384 p
Samenvatting

De voorbije decennia wint het commerciële luchtvaartverkeer aan populariteit. Bijgevolg neemt
het aantal zuigelingen en kinderen op commerciële vliegreizen toe. Artsen moeten zich dan ook
bewust zijn van de gezondheidsrisico’s die vliegen meebrengt in deze populatie. De belangrijkste
risicofactoren tijdens een vlucht zijn de luchtdrukveranderingen, de expansie van een ingesloten
volume aan lucht en de beperkte opties aan boord in geval van medische urgenties. De literatuur
omtrent de veiligheid van vliegreizen bij zuigelingen en kinderen is eerder schaars en is voornamelijk
gebaseerd op expertopinies. Bovendien is in België de „Hypoxia Challenge Test” (HCT),
die vaak geïncludeerd wordt in de beschikbare richtlijnen, geen courant onderzoek bij kinderen.
In dit artikel worden een aantal aangepaste, praktische richtlijnen geformuleerd zonder gebruik
te maken van deze HCT om ouders correct te adviseren omtrent vliegreizen met hun kinderen.
Over het algemeen geldt er voor prematuren een vliegverbod tot de leeftijd van drie maanden
(gecorrigeerde leeftijd) of tot de leeftijd van zes maanden in geval van een respiratoire infectie.
Prematuren met bronchopulmonale dysplasie moeten steeds vóór de aanvang van de vlucht
geëvalueerd worden door een kinderpneumoloog en tijdens de vlucht moet er extra zuurstof
beschikbaar zijn.

Auteur
E. Snoeck , J. Willekens , F. De Baets , K. Smets
Vakgebied
PEDIATRIE
Jaargang 2019, Volume 75