Zorgvuldig medisch handelen bij een comateuze patiënt met een „niet reanimeren”-tatoeage

1 019 p
Samenvatting

Tatoeages winnen de laatste jaren aan populariteit. Men ziet ook een toename van het gebruik van
tatoeages met een boodschap voor hulpverleners („medisch gebruik”).
Een „niet reanimeren”-tatoeage kan een duidelijke wilsverklaring zijn, maar dat is niet noodzakelijk
het geval. Bij een medische urgentie kan de boodschap niet duidelijk en/of eenduidig zijn voor een
arts, wat leidt tot grote onzekerheid over welke interventies kunnen en moeten worden uitgevoerd.
Een tatoeage is niet de ideale manier om iemands wil kenbaar te maken, zeker niet als deze niet
werd aangebracht na uitgebreid overleg met een arts. De term „reanimatie” in een tatoeage is vatbaar voor interpretatie, vooral in spoedeisende situaties waarin de betrokkene tijdelijk wilsonbekwaam is. Bij twijfel over een wilsuiting of de geldigheid ervan zullen de hulpverleners handelen
volgens het „best interest”-principe, waarbij men uitgaat van de veronderstelde toelating voor een
reanimatie en een afweging maakt tussen de risico’s en het nut van het medische handelen (proportionaliteit). Als de wilsverklaring en de geldigheid ervan wel duidelijk zijn, wordt er niet ingegrepen.
Dit niet-systematische literatuuroverzicht schetst de geschiedenis en de recente evoluties van
het gebruik van tatoeages in een medische context, met een bijzondere focus op spoedeisende
interventies. Aan de hand van een concrete casus van een persoon met een „niet reanimeren”-
tatoeage worden het juridische statuut en de mogelijke consequenties onder de loep genomen.

Auteur
M. De Hert , J. Colin , L. Gheyle , C. Lemmens
Vakgebied
PALLIATIEVE ZORG
Jaargang 2019, Volume 75